Het Spekritueel

Ik heb mijn spek zowel graag gezouten als ongezouten. Ik durf dat eerlijk toegeven. Als ik mij macho voel dan zal ik eerder voor gezouten spek gaan. Voel ik mij duts dan kies ik voor het ongezouten. ’t Is maar hoe de stemming ligt. “En wat dan met de gezondheid, mijnheerke Brys!” Ach, die komt wel goed. Spek eet ik sowieso niet voor de vitaminen en de mineralen. Spek eet ik voor het zielenleven. Mijn gehele mentale huishouding raakt ervan terug op zijn plooi. Het is ook méér dan eten alleen, het is een ritueel. De Chinezen hebben een theeritueel, ik heb een spekritueel. Het begint al van bij de aankoop. Een goed lapje spek mag niet te vet zijn, maar het mag ook niet te mager zijn. Niet te dun zijn en niet te dik. Er kunnen soms beentjes in voorkomen en dat is prima okay als en slechts als de vlees/vet verhouding maar in orde is. Dat moet kloppen. Hier bestaan geen boeken over, of maatstaven, of stripjes die je kunt meenemen om te vergelijken. Nee, een mens is daarbij overgeleverd op zijn of haar intuïtie.

De volgende stap in het ritueel is uiteraard “den bak”. Hoe gaan we die lapjes bakken? Hoe gaan we, als het ware er een lap op geven op die lapjes. (Ik voelde mij eventjes frivool bij deze laatste zin.) We nemen daarvoor een pan, liefst anti-aanbak. Je kan ook een pro-aanbakpan gebruiken maar dan kan je evengoed je tijd verdoen met het dweilen van een varkensstal tijdens de paartijd. In die pan leggen we de lapjes spek. We hoeven daar gaan vetstof voor te gebruiken. Tijdens het bakproces van spek ontstaat er namelijk een magisch moment waarop vanzelf vet in je pan terecht komt. Maar dat is vooruit op de feiten lopen. Eerst snij je de meestal lange lapjes in de helft. Op die manier kan je de bodem van de pan mooi bedekken met deze mjammerdejam. En voor ik het vergeet: snijdt het zwoerd van het spek alvorens je ze in de pan legt. Nee, dat is geen verloren schat die je gaat wegsmijten. Van het varken smijten we niets weg! Ook de zwoerd niet. Leg die gewoon even aan de kant want die komt later nog van pas. We zetten er een halfzacht, zéker niet te hard, vuurtje onder. En vanaf nu wordt het menens. Vuur zetten onder een pan met spek is jezelf engageren om minstens het eerste uur niets anders meer te doen. Want door dat vuur ontstaat er reactie die nog ouder is dan het oudste beroep ter wereld. Het vet in het spek begint langzaam te smelten. Eerst ziet het er nog wat waterig uit, maar geen zorgen. Elk lapje spek bevat nu eenmaal ook een gedeelte water. Wees geduldig. Eens je ziet dat er op de bodem van je pan een wateroppervlak ontstaat, mag je het vuur wat hoger zetten. Op die manier verdamp je het water. In tussentijd draai je regelmatig met liefde je zalige lapjes om als ware het je eigen kindertjes die bij een gloeiendhete zon op het strand in slaap gevallen zijn.

Op dit moment kun je eigenlijk spek bakken met je ogen dicht. Waarom zeg ik dat? Omdat je het geleidelijke verdampingsproces van het water kunt horen. Je hoort letterlijk én figuurlijk het water stilaan verdwijnen. Wanneer het water voor driekwart uit de pan verdampt is zet je het vuur terug wat zachter. Het laatste dat je namelijk wilt is het vet laten verbranden. Dat vet dat nu in je pan zachtjes knettert, is een kostbaar goed. Draag er zorg voor. Liever het vuur te laag zetten dan te hoog. En vanaf nu is het geduldig afwachten tot het spek de perfecte hardheid heeft. Het mag niet breken als je er in prikt, maar het mag ook niet slap aan je vork hangen. Dit is hét belangrijkste moment van het spekbakken. Hier heeft Hitchcock zijn spanningsopbouw geleerd. Je mag in het leven paintballen, benji jumpen, krokodilbilbijten, bij de paracommando’s gaan of een naaktblad uitbrengen, maar hier, achter de spekpan, tijdens dit moment, worden mannen geboren. (Of vrouwen uiteraard.) Hier moet je laten zien dat je ballen hebt. (Of een vagijn uiteraard.) Dit is zo een belangrijk moment… Ik kan het alleen maar omschrijven als het duel van een Western. Je hebt twee grootmachten die recht tegenover elkaar staan en je weet: één iemand van ons gaat hier zegevieren. Jij of ik. Alles is timing op dat moment. Niemand durft nog één knipper te geven met zijn ogen. Maar pas op, je moet geduld hebben. Véél geduld. Probeer de zaak niet te versnellen (aka verzieken) door het vuur wat hoger te poken. Blijf gewoon in het nu. Let op je ademhaling en luister naar het spek. Als het ideale moment daar is, graai die pan dan van het vuur en laat hem rusten zodat het tetteren kan wegebben. Dit is het moment om aan de tafel te denken. Neem een bord, een vork en een mes, wat vers brood en een keukenrol en drapeer die ergonomisch op jouw eettafel. Doe dit kalm maar toch ook niet treuzelend, want weet dat er hete lapjes heerlijkheden aan het afkoelen zijn. Zet de pan op tafel en geniet even van het moment. Haal vervolgens een sneetje vers brood uit de zak en leg die op je bord. Haal één van de lapjes uit de pan en vlij die liefdevol tegen de bovenkant van de snee. Snij vervolgens een hoekje brood af van de linker- of rechter onderhoek van het brood. Dit dient zo meteen als vorkvervanger. Zie, spek eet men niet met mes en vork. Spek eet men met een mes in de éne hand en een afgesneden hoekje brood in de andere. Dit stukje gebruik je om het spek tegen te houden (én je hand niet te verbranden) terwijl je er sneetjes van een tweetal centimeter breedte van snijdt. Door de druk van je hand op het korstje brood op het spek ontstaat er onder het spek fijn geplet brood dat verzadigd wordt met spekvet. Indien het overtollige brood rondom niet loskomt van dit verzadigde brood onder het spek moet je eventjes met je mes losjes de contouren van het spek afgaan om zo een discrepantie te creëren tussen wat heerlijk is en wat niet. En dan komt het hoogtepunt, de verrijzenis voor de christenen, het geluid van het bruis in een colareclame, de snok aan de hengel en voelen dat er iets aanhangt,… Je neemt je mes en met het puntje ervan glijdt je zachtjes, niet te snel, voorzichtig onder het fijngeplet met vet verzadigd brood van het eerste stukje zodat je het héle stukje spek, brood incluis op je mes hebt liggen. Je sluit zachtjes je ogen terwijl je dat stukje in je mond steekt. Héél eventjes wil je misschien terugkrabbelen met het idee: “Nee, dit verdien ik niet. Ik ben een zondaar. Dit ben ik niet waard.” Negeer die gedachte. We zijn allemaal zondaars op één of andere manier en laat het moment gewoon gebeuren. Leg het stukje op je tong en bijt zachtjes op deze culinaire hardcore porno van het lage volk. Blijf dit doen tot alle stukjes uit je pan verdwenen zijn. Normaal gezien kan je twee lapjes spek op één sneetje brood snijden. Dit is nét voldoende want het hoekje dat je gebruikt om te snijden zal na twee lapjes zelf volledig verzadigd zijn. Dit stukje eet je dan op terwijl je een volgend sneetje brood uit de zak haalt. De korstjes van het brood zijn voor de kippen, de kinderen, je vegetarische partner of anders voor de vuilbak.

Eens de pan leeg is en je maag spint van het genoegen kan je hem terug op het vuur zetten om vervolgens de zwoerdjes op een laag pitje uit te laten bakken. Deze mogen iets langer gebakken worden totdat ze krokant zijn. Dit zal extra vet genereren en achteraf een lekkere koude hartige snack zijn bij de TV. Het gesmolten vet houd je dan bij om later te gebruiken bij bijvoorbeeld het bakken van een echte pens. Maar dat is misschien een hoofdstuk voor later.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s